Frituren
Bij het frituren verhit je een product verhit door het onder te dompelen in diep, heet vet of olie. De temperatuur is afhankelijk van: de mate van gaarheid van het product voordat je met frituren begint, de dikte van het product, de samenstelling van het gerecht, de voorbewerking die het product heeft ondergaan, en het eventueel uitrijzen van het gerecht tijdens het frituren.
Frituren is geschikt voor producten met een gaaf uiterlijk, die een goudbruine kleur horen te krijgen. Bijvoorbeeld patat. En verder voor gepaneerde producten, die snel gaar worden. Bijvoorbeeld kroketten, stukken vlees, die door frituurbeslag zijn gehaald, producten van beslag, zoals oliebollen en appelflappen.

Voordelen
- Producten worden snel gaar en zien er aantrekkelijk uit door het krokante bruine laagje.

Nadelen
- Bij frituren gebruik je veel vet
- Het kost relatief veel tijd omdat het vet eerst goed warm moet worden.

Koken | Stoven | Stomen | Magnetronnen | Pocheren | Au bain Marie | Smoren | Wokken | Braden | Grillen | Frituren | Bakken in de oven